Van IJsselsteinse naar Nepalese boeddhist

Sommige dingen moet je gewoon doen, en nooit ben je ergens te oud voor. Thea Sontrop deed het op haar zestigste nog: voor langere tijd naar een vreemd land gaan. Ze vertrok als IJsselsteinse lifecoach en kwam uit Nepal terug als Boeddhist.

Er kwam onverwacht geld vrij waarvan ik iets leuks kon doen of kopen. Maar materiaal gaat na zoveel jaren voorbij, dus ik besloot ergens voor te gaan waar ik voor altijd iets aan zou hebben. Ik heb lang nagedacht over wat ik met dat geld wilde, en kwam toen uit op het Boeddhisme. Ik kon dus kiezen uit India, Bhutan… In het ene land was het het verkeerde seizoen, Bhutan vond ik lastig omdat je daar een bepaald bedrag per dag op moest maken. Het was erg duur allemaal, en dat voelde dan toch elitair. En dat wilde ik niet. Het werd Nepal!

In de krant las ik een artikel over een reis naar Nepal, waarvan je 14 dagan in een klooster zou zitten en een trekking zou maken. Dat werd georganiseerd door een Nederlandse vrouw, met een reisbureautje in Kathmandu. Ik vond het wel fijn dat er iemand ter plaatse zou zijn die de Nederlandse taal sprak. Ik kwam in contact met haar en legde uit dat ik alleen zou komen, gewoon wat wilde rondlopen daar en de cultuur wilde leren kennen. Zo gezegd zo gedaan. Ik boekte het twee weken durende kloosterbezoek, de trekking en vertrok naar Nepal.

Ik stapte uit het vliegtuig en voelde zich direct thuis. Ik had mensen ontmoet in het vliegtuig, en we kwamen gezamenlijk aan in Kathmandu. Het was ontzettend druk, en die mensen waren wat angstig. Ik niet. Ik bewoog me daar in al die drukte alsof ik in mijn eigen woonplaats was. Ik voelde me heel erg op mijn gemak. Toen werd ik uitgenodigd door de mensen die ik in het vliegtuig had ontmoet mee te gaan om wat plaatsen te gaan bekijken. Maar ik voelde ze al vrij snel dat dat niet was waar ik naar op zoek was. Ik wist nog niet hoe ik mijn reis wilde richten toen ik boekte. Maar eenmaal gearriveerd in de stad was het duidelijk wat mijn doel was. Ik wilde opgaan in het leven wat de mensen hier leidden. Ik wilde in dat Boeddhisme zijn.

Wat me direct opviel was de stoepa, die stond erg dicht bij mijn slaapplaats. Stoepa’s zijn Boeddhistische tempels waarin relikwieeen en heilige afbeeldingen staan. In Kathmandu staat een van de grootste en stoepa’s, genaamd Boudhanath. Die stoepa speelde een belangrijke rol in het leven daar. Men stond ‘s morgens om vijf uur op en liep dan eerst een rondje om de stoepa. Aan de buitenkant zatten ronde molentjes in de vorm van rollen. Als je die ronddraait, stuur je gebeden als her ware de lucht in. Die komen dan aan in de natuur of bij mensen. Wanneer ze ‘s avonds uit hun werk komen herhalen ze dat nog eens. Ik was daar erg van onde de indruk.

We kennen het allemaal, de drukte die we in ons kikkerlandje veroorzaken en ervaren. Wat Thea fijn vond aan Nepal, was dat drukte geen probleem was. Mensen toeterden daar om aan te geven dat ze eraan kwamen, niet om aan te geven dat je weg moet. De hele dag hoor je ‘oh no problem’, als je bijvoorbeeld tegen iemand aan loopt. ‘Na ma ste’, wat betekent ‘ik groet je vanuit mijn hart’. Je kreeg ook overal voorang. Ik kan het het best omschrijven als een enorme zwerm vogels, en de vogels vliegen allemaal in dezelfde richting. Maar ze zitten elkaar niet in de weg.

Zo heb ik vijf weken lang Kathmandu afgestruind. Ik wilde voelen, merken, zien en horen hoe men daar leeft. Toen ging ik het klooster in, ik ging twee weken in Kopan zitten. Van die veertien dagen sprak je tien dagen niet van ‘s avonds negen uur tot de volgende dag na de lunch. Het doel daarvan was dat je een innerlijk gesprek voerde. Je kreeg daar les over het Boeddhisme. Juist met die stilte kon je die lessen zo goed in je opnemen. Na een paar dagen waren er zelfs mensen die helemaal niet meer wilden praten. Kopan was prachtig.

Op een dag in het klooster merkte ik dat er iets aan de gang was, waarop ik op een van de monnikken afstapte om te vragen wat er ging gebeuren. Hij vertelde me dat ze een ceremonie aan het voorbereiden waren om Boeddhist te worden. Binnen een fractie van een seconde wist ik dat ze heeft gevonden waar ik naar zocht. Ik wilde dat ook. Maar ik kon niet meer meedoen met de ceremonie die de volgende dag zou plaatsvinden.

Na twee weken in het klooster gezeten te hebben, ging ik door naar een ander verblijf. Ik maakte me klaar voor de trekking. Een van de vrouwen waarmee ik in Kopan zat, kwam naar me toe om te vragen of ik de trekking ook ging doen. Ze wilde dan graag met me mee. In de eerste instantie zag ik dat niet zitten, maar ze wist dat ze nu iets gemeen zouden hebben. Onze interesse voor het Boeddhisme. Ik besloot ermee akkoord te gaan. We hebben twee dagen op proef gewandeld, daarna trokken we samen met een gods en een drager het ruige gebergte in.

Toen we op 3800 meter op de Himalaya’s zaten werd ik ziek. Mijn reisgenoot en ik waren er allebei al achter dat deze tocht niet voor ons weggelegd was, en dit was voor mij genoeg reden om niet door te gaan. De gids had een motor geregeld waarmee ik de berg af werd gereden, naar het ziekenverblijf. Vervelend maa ach – wie is er nu ooit achterop een motor van de Himalaya’s af gereden? Ik vond het juist speciaal!

Na vier dagen ziekte stapte ik in het vliegtuig terug naar Kathmandu. Maar ik vond het zo jammer dat ik geen Boeddhist was geworden. Dat was steeds mijn gevoel. Wat me opviel toen ik terug in de stad was, was een vrouw die ik steeds maar tegen het lijf liep. Bij de bank, op de markt. Later kwam zij naar me toe om te vragen of ze niet eens thee konden drinken samen. Ze vertelde me haar levensverhaal, wat prachtig was. Ze zat op dat moment in een wat strenger klooster dan waar ik had gezeten. Ik vertelde haar op mijn beurt mijn verhaal. Ook dat ik het erg jammer vond dat ik geen Boeddhist was geworden. Maar het gebeurde alsof het zo had moeten zijn: via haar werd geregeld dat ik in een ander klooster aan de ceremonie mee kan doen.

Toen ik de Lama voor het eerst zag, moest ik huilen. Iets in mij werd getriggerd, iets waar ik nooit bij was gekomen. Hij was heel aardig. Later kwam er een non naar me toe om me te vertellen dat ik Boeddhist kon worden, over twee dagen. In die tijd heb ik me ingelezen over wat de consequenties waren van zo’n ceremonie. Ik besloot die te aanvaarden en het ritueel te ondergaan. Het ritueel bestond uit een serie van gebeden, waarna een stukje haar wordt afgeknipt. Dat wordt in een glazen potje gedaan en voor altijd in het klooster bewaard. Daarna beloofde ik aan de Lama dat ik mijn best zou gaan doen de richtlijnen van het Boeddhisme te eren.

Voor een Boeddhist draait het in het leven niet om materie. Natuurlijk heb je wel dingen nodig, zoals kleding, en gezondheid. Maar eigenlijk draait het om andere dingen. Om mededogen, om respect voor alles wat leeft. Zo was het ook in Nepal. Ik mis het ontzettend. Ik kan dan ook iedereen aanraden een lange reis te gaan maken. Ik heb er ontzettend veel van geleerd, omdat het zo anders is dan hier. De winst van een langere periode weg gaan, is dat je je los kunt maken van je leven hier, en dus nieuwe dingen kunt ontdekken over jezelf. Ik ben sinds mijn reis vele malen gelukkiger. De Boeddhist zat al in mij.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s